Met de landsnaam Palestina (Arabisch: Falastina, فلسطين; Hebreeuws: Palestina [פלשתינה] of Erets Jisrael [ארץ־ישראל]) wordt de landstreek rond of tot de rivier de Jordaan bedoeld, in het westen begrensd door de Middellandse Zee.
De naam Palestina werd door de geschiedenis heen als volgt gebruikt:
De Oud-Grieken gebruikten oorspronkelijk de naam Palestina enkel om de kuststreek aan te duiden. De naam werd vermoedelijk afgeleid van Filistea, 'land van de Filistijnen'. Later gebruikten de Grieken (en de Romeinen) de naam niet enkel voor de kuststreek, maar duidden ze er ook het 'land van de joden' mee aan. In 135 wilde de Romeinse Keizer Hadrianus elke verwijzing naar de joden verwijderen. De (herstichte) stad Jeruzalem werd Aelia Capitolina genoemd en de Romeinse (Byzantijnse) provincie 'Syria-Palaestina' In 1920 werd Palestina de naam voor het mandaatgebied dat de Britten toegewezen kregen door de Volkenbond. Oorspronkelijk bevatte het mandaatgebied Palestina eveneens een gebied ten oosten van de Jordaan maar in 1923 werd het mandaatgebied gesplitst en bedoelde men met het Brits mandaatgebied Palestina enkel het gebied tussen de Middellandse zee en de Jordaan. In de actuele context wordt de naam 'Palestina' gebruikt voor de onafhankelijke Palestijnse staat waarnaar de Palestijnse Autoriteit streeft. Zie hiervoor ook de Palestijnse Gebieden. Door de hele geschiedenis heen is Palestina bewoond en bestuurd door verschillende volkeren met elk hun eigen religie. Het joodse volk had er (gedurende een aantal eeuwen, en met enkele onderbrekingen) haar hoofdstad, Jeruzalem.